De moeder de vrouw (25-03-2019)

Er waren twee gebeurtenissen met mannen, op het boekenbal.
De eerste gebeurtenis was Freek de Jonge, die het welkomstwoord verstoorde om aandacht te vragen voor de verkiezingsuitslag. Ik zat op het balkon en ik zag alleen een grijze man van achteren die iets riep, maar ik kon op het moment zelf niet zien wie het was en niet verstaan wat hij zei. Het duurde gênant lang, ik dacht: wanneer houdt hij nou zijn mond? Het had iets tenenkrommends. Opgewonden gekrakeel, niet op het juiste moment, niet op de juiste plek. Een man die vindt dat hij het recht heeft om te zeggen wat hij wil zeggen.
De tweede gebeurtenis was Michel Houellebecq. 
'Het is Houellebecq, het is Houellebecq,' zeiden de mensen. En hij was het inderdaad. Een gebochelde, kleine man die in een hoek van de ruimte stond. Hij zag er niet heel gelukkig uit, maar misschien was dat ook niet zo gek. Schrijvers zijn over het algemeen niet in de wieg gelegd voor geluk denk ik wel eens.
'Wat zeg je tegen iemand als Michel Houellebecq?' vroeg ik me hardop af.
'Iets Frans denk ik,' antwoordde iemand.
Dat leek me een waar woord.
'Ik heb hem gevraagd of hij alsjeblieft niet hierbinnen wil roken,' zei een medewerker van het CPNB een beetje nerveus.
Het had niet geholpen, in de rechterhand hield de beroemde schrijver een brandende sigaret, duidelijk niet van plan die uit te maken.
Michel Houellebecq vond dat hij het recht had om in de stadsschouwburg te roken.
Er was ook een gebeurtenis met een vrouw op het boekenbal.
Eveline Aendekerk was de spreekster die het welkomstwoord verzorgde. Ze stond op het podium toen Freek zijn tirade hield. Ze lachte, probeerde eerst door te praten maar toen dat niet lukte wachtte ze een poosje tot hij was uitgeraasd. Daarna maakte ze een vrolijke opmerking en hield vervolgens een geweldige toespraak, weloverwogen, gevoelig, eenvoudig. Eveline Aendekerk was de ster van het bal.