Internetbegrafenis (17-04-2020)

Ik had al mijn huisgenoten de woonkamer uitgestuurd en schakelde in op de livestream van de uitvaartonderneming. 
Je hóeft niet aanwezig te zijn bij een internetbegrafenis. Het is heel makkelijk om gewoon niet op de link te klikken en alles te parkeren in een hoekje van je hoofd. 
Maar ik deed het wel.
Ik vroeg me af of het voor iemand uitmaakte dat ik keek, behalve voor mezelf.

De stoelen stonden uit elkaar. 
Het was hol. 
Ik zag de enkele aanwezige nabestaanden schokschouderen van verdriet op hun eilandjes. 
Een oude vrouw schuifelde in elkaar gekrompen door het beeld, alleen.
En ik zat achter mijn beeldscherm in mijn doodstille woonkamer, te huilen tot ik niet meer kon.

Ons mens-zijn is in deze weken gereduceerd tot onze fysiek, in het lijf van de ander schuilt een bedreiging. In de leegte die om onze lichamen hangt, als een koker van onaanraakbaarheid, manifesteert zich de gruwelijkste eenzaamheid. Ik keek naar mijn vriendin die me zo dierbaar is, haar pijn was rauw en allesverwoestend, en ik was niet bij haar.
Met of zonder aanraken vervult het lichaam een functie, die van de existentie.
Als het wezen wegvalt, vervalt de troost en blijft er niets dan bijtend en wreed verdriet over.