Lustig (06-04-2020)

Ik denk regelmatig na over wat ik ga doen als de vergrendeling voorbij is. Het is een soort spelletje geworden, als ik hieruit kom dan...
Op de puntjes komen dan grote plannen. Naar de randstad verhuizen bijvoorbeeld. Of naar Düsseldorf. Of een hondenschool beginnen. Lessen nemen op de kunstacademie. Het komt neer op Alles Helemaal Anders. Dat vind ik eigenlijk wel gek want ik had nooit de indruk dat ik zo ontevreden met mijn leven was. Maar misschien stiekem dus toch, blijkt nu. Of misschien horen zulke gedachten gewoon bij een fase van stilstand en afwachting.
Mijn moeder praat aan de telefoon graag met me over de mensen die zich niet aan de quarantaineregels houden. Dat zijn er nogal wat, maar de Duitsers zijn het ergste. Die fietsen vrolijk in grote groepen de grens over, lekker even weg van hun eigen uitbraakgebied waar het virus zich nog altijd lustig vermeerdert.
'Dat ze die grens toch sluiten,' klaagt mijn moeder dan.
Het onheil komt uit Duitsland, dat zal altijd zo blijven.
Ik heb een gehandicapte tante, ze is kwetsbaar en oud, ouder dan iemand ooit voor mogelijk had gehouden gezien de zwaarte van haar syndroom, en mag geen bezoek ontvangen in de instelling waar ze woont. Leg dat maar eens uit aan iemand met een verstandelijke beperking, al is ze er op dit moment zelf kalm onder. Het is wel een beetje een merkwaardige kalmte, een onheilspellende, alsof het nooit lang goed kan gaan.
Zelf ben ik ook tamelijk rustig. De angst staat niet meer zo op de voorgrond als in het begin, hij lijkt geïncorporeerd, ik denk dat hij niet meer naast me staat maar verzonken is in me, als een splinter die ik niet meer opmerk.