/Verhalen/
/Webshop/
/Dossier Voorland/
/Vlogs/
/Account/
/Winkelmandje/

Onderworpen aan het woord (02-04-2017)

Als je op ieder moment van de dag denkt: dit kan ik misschien gebruiken. Bij ieder gesprek, bij ieder gevoel. Bij alles wat je ziet. Tijdens het wandelen met de hond, het boodschappen doen, onder de douche, in bed. Elk takje heeft betekenis, de rimpel in het water, elke hint van sfeer, elke geur. Gedachteloos bestaat niet meer, staren is peinzen geworden.
Wekenlang, misschien wel maandenlang, zweefde ik op het randje. Het schrijven aan het tweede boek ging traag, ik bouwde de karakters op, sneed het verhaal uit. Zoekend, aarzelend. Als op de grote zwarte tegels aan de rand van het buitenbad, mijn tenen over de rand. De lucht en het water van het mooiste blauw. Ik wilde erin, het water om me heen voelen, onderdompelen. Maar toch stelde ik het uit. De warmte van de zon op mijn huid, de stemmen van de mensen in de verte, de wereld. Ik wist dat er geen weg meer terug zou zijn als ik eenmaal gesprongen was. Dan zou de eenzaamheid me pakken, de geluiddichtheid van het grote bassin, alleen ik, en verder niemand.
Je weet dat je gesprongen bent als je los bent van de wereld. Je doet niet meer mee, je bent toeschouwer geworden. Je leven is de brandstof voor je boek, je kunt niet anders dan het ondergaan. Onderworpen aan het woord. De personages zijn opgestaan en lopen hun eigen weg, het verhaal trekt zich niets meer van me aan. Het boek heeft me overgenomen, ik leef niet meer, ik ben alleen nog maar getuige.



Het boekenbal (27-03-2017)

Het was geweldig, het boekenbal.
Ik zou nu het verhaal kunnen vertellen over dat ik als vijftienjarig meisje krantenknipsels van Mulisch boven mijn bed hing, en droomde dat ik ooit zelf een boek ging uitbrengen, dat ik er dan bij zou zijn, bij dat boekenbal, en ik samen met de grote meester over literatuur zou spreken. Ik zou kunnen zeggen dat mijn droom gisteren uitkwam.
Maar ach, dat zou wel erg melancholisch worden, en bovendien niet waar, want Mulisch is dood.
Over literatuur sprak ik gisteravond wel, mooie, bijzondere gesprekken, en ik had een baljurk waarmee ik die middag in de trein naar Amsterdam was gereisd. Mijn medepassagiers hadden hun wenkbrauwen gefronst bij de aanblik van de wijduitstaande rok van kant en tule die bijna twee stoelen bezet hield. Ik had geprobeerd te seinen dat ik een excuus had, het boekenbal, het bóekenbal!
Maar vooral, ja vooral danste ik de nacht door,  in de mist van de rookmachine, in een wolk van zilveren confetti, tot mijn tenen gevoelloos waren en ik mijn hakkenschoenen uitschopte in de hal. De koelte van de vooroorlogse tegeltjes van Paradiso trok in mijn voetzolen. Daar keek ik naar iedereen die voorbij kwam, de schrijvers, de boekenvakkers, een eindeloze stroom mensen die één ding gemeen hebben: liefde voor het boek.
En ik was erbij.
Toch een droom, maar dan een echte.



Uit Het Financieele Dagblad (15-03-2017)

Goed verhaal, jammer van de laatste zinnen. 



De ervaring van het metaforische beeld (16-02-2017)

Dagblad van het Noorden, 10 februari 2017.
Als je ogen over de woorden van de recensent schieten, en je bij iedere zin denkt: laat het goed zijn, laat het goed zijn. LAAT HET ALSJEBLIEFT GOED ZIJN. En dat je dan bij het laatste woord komt, en alles was goed.
Want ik kan best tegen kritiek, maar laten we eerlijk zijn, een goede recensie is zoveel beter te verteren. 
Mijn diepste drijfveer om te schrijven is misschien wel dat ik hoop dat mensen me begrijpen. Dat er iemand opstaat die iets herkent. Niet alleen zijn. De gekozen weg is misschien wel de eenzaamste weg, want er is weinig eenzamer dan kunst maken, schrijven. Je creëert een metaforisch beeld in geschrift en dan is het maar afwachten of je dat zo hebt gedaan dat wat je wilde zeggen ook daadwerkelijk ervaren wordt.
Een goede recensie, dat is meer dan mooie woorden over je boek. Het geeft -heel even- het gevoel dat je niet alleen bent.



Leesclub De Gouden Appels (01-02-2017)

'Hé! Je lijkt helemaal niet op je auteursfoto!'
Zes paar verwonderde ogen keken van het knotje op de zwartwit foto naar mijn lange losse haren in het echt.
Leesclub De Gouden Appels had me een tijdje geleden gevraagd of ik bij de bespreking van Voorland wilde zijn en ik had enthousiast ja gezegd. Mooi leek me dat, eindelijk eens echt over mijn boek praten met mensen die het goed gelezen hadden. Maar nu ik in de ruime woonkamer zat, zes Voorlands op de eikenhouten eettafel, kreeg ik het een beetje benauwd. Misschien vonden ze er wel helemaal niks aan en hadden ze geen moeite om dat uitgebreid met me te delen.
Maar dat was natuurlijk niet zo. Het was alleen maar leuk, en gezellig. 
Somber vonden ze het boek, ja, dat wel. Maar ook prachtig. En ze wilden Otto een schop onder zijn kont geven. Maar ja, dat wilde ik ook, dat was de bedoeling. Uiterst benieuwd waren ze naar mijn tweede boek. Ik beet op mijn tong om niet te veel te vertellen, terwijl ik niets liever wilde, want daar zit ik nu midden in. Dat is wel jammer aan het schrijversvak, je loopt nooit synchroon met je publiek. Op het moment dat je zelf het meest bezield bent van wat je schrijft, kun je er niets over kwijt. En op het moment dat iedereen alles over je boek wil weten, zit jij met je hoofd al in het volgende verhaal.
Ach ja.
'We vonden het erg spannend dat je kwam,' bekenden de Gouden Appels toen ik opstond om te vertrekken, 'maar we vonden het ontzettend leuk.'
Nou. Insgelijks.

(De illustratie maakte ik alweer een tijd geleden, voor het omslag van het boek Learning communities, informal learning and the humanities, het proefschrift van M. van Herten over leesclubs.)



Pagina 1 van 4


Schrijver, beeldend kunstenaar. Lino- en houtsnede, illustratie.

VOORLAND (Ambo|Anthos, 2016)
SLOT (Gloude, 2020)
Verwacht: HET LIED VAN DE SPREEUW (Ploegsma, 2021)
Verwacht: DIT IS GEEN TEKENCURSUS (Gloude, 2021)

Published author and linocut printmaker from The Netherlands.

//Vragen? Je kunt me mailen op octaviewolters@gmail.com//

DE WEBSHOP IS OPEN
Je kunt mijn werk bestellen via octaviewolters.nl/webshop
Veel plezier!

www.twitter.com/octaview
www.facebook.com/octaviewolters

© Alle content, in woord, beeld en concept is van Octavie Wolters.