/Verhalen/
/Webshop/
/Dossier Voorland/
/Vlogs/
/Faq/
/Contact/
/Account/
/Winkelmandje/

In vlucht - Scholeksters - Genummerd (06-10-2022)

Deze reductieprint in drie kleuren staat vanaf vandaag in de webshop. De oplage is heel beperkt, alle exemplaren zijn gesigneerd en genummerd. Ingelijst in een mat-zwarte lijst met passe-partout. Je vind de lino hier: octaviewolters.nl/webshop.


Sesamstraat (04-10-2022)

'Ze probeerde je te versieren,' grijnsde ik.
'Helemaal niet,' mompelde W.
'Haar hand lag in je nek,' hield ik vol.
'Ze was de mevrouw uit Sesamstraat, in Sesamstraat wordt niet versierd,' gromde W.
'HAHA.'
We stonden op de dansvloer in Hotel Arena, onze kelen waren al schor van het schreeuwen om boven de muziek uit te komen. Ik had al duizend praatjes gemaakt, het glas champagne dat we bij binnenkomst hadden gekregen was nog steeds vol, nog geen tijd gehad om het op te drinken.
Het Oosterpark had er donker bij gelegen toen we de poort door waren gelopen. Het water van de vijver leek wel zwart en vlak voor ons stak een grote rat het pad over. Maar het hotel zag er prachtig uit, met overal flonkerende lichtjes, het leek wel kerstmis.
Ik was nog nooit op het kinderboekenbal geweest, allicht, ik had natuurlijk ook nog nooit een kinderboek gemaakt, dus ik vond het nogal wat. Bij binnenkomst waren we door een galerij van enorme doeken gelopen waarop de werken van de penseelwinnaars waren gedrukt. Gauw had ik een foto van mijn eigen werk gemaakt, levensgroot keek mijn spreeuw de ruimte in, W had me zachtjes in mijn arm geknepen.
De dansvloer liep steeds voller, ik knikte even naar W. Na meer dan 22 jaar samen is onze code geperfectioneerd, we hebben aan een blik genoeg. We liepen de zaal uit, in de luwte van de gangen kwamen we weer een beetje tot onszelf. Via de trappen in de hal ontdekten we de tweede verdieping, een omloop die uitkeek over het dansgedeelte. Nu pas vielen me de muurschilderingen op in de hoge koepel die nu vlak boven ons was, prachtig, ik nam me voor eens terug te komen en alles een keer goed te gaan bekijken bij daglicht.
Onder ons dansten de kinderboekenschrijvers, illustratoren, uitgevers in het blauwpaars van de discolampen, overal lagen slingers en gouden confetti.
'Mooi hè,' zei W.
'Heel mooi,' zei ik, en ik stootte mijn schouder even tegen hem aan.
'Maar ze probeerde je echt wel te versieren.'
'Haha.'


Octaaaaavie (03-10-2022)

Octaaaaavie, zo noemen de kinderen me sinds de uitzending van het radioprogramma van Vroege vogels waarin mijn nominatie voor de Jan Wolkersprijs bekend werd gemaakt. Mijn naam wordt traditioneel uitgesproken op z'n Frans maar veel mensen weten dat niet, dan wordt het al gauw Octaaavie. Als zoiets op de nationale radio wordt gezegd gaat het rap natuurlijk. 
'Octaaaaavie, waar heb je het plamuurmes gelaten?' 
De oudste staat onderaan de trap, ik zoek naar het mes, het moet hier ergens liggen.
Ik ben aan het werk in de nieuwe slaapkamer van de jongste, ze wilde graag een gele muur en dus schilderen we een van de zijmuren diep donkergeel. Dat zal straks een plaatje worden, gecombineerd met blauwfluwelen gordijnen en haar turkooizen kledingkast.
Ondertussen is de oudste aan het werk aan haar slaapkamer, een verdieping lager. Dat is wat meer een uitdaging, onder de groezelige verf vinden we resten stickers die er lastig vanaf gaan. Ze peutert er een halve ochtend aan en dan nog besluiten we dat er een laagje stucpasta overheen moet. Ze klaagt een beetje, ze had zich verheugd om komende week al te kunnen schilderen met haar vriendin maar door de droogtijd zit dat er niet in.
Helaas.
Afgelopen vrijdag kregen we de sleutel, ik was de hele dag emotioneel ervan. Bij het eerste rondje door ons huis als eigenaren keek de makelaar me even aan.
'Wat ben je stil,' zeg hij.
'Ik ben gewoon zo blij,' antwoordde ik.
Toen alle officiële toestanden achter de rug waren en we eindelijk alleen waren, wisten W en ik niet hoe we het hadden. We renden naar boven en trokken nu dan eindelijk echt de vloerbedekking los, gooiden alle inbouwkasten open, voelden aan de muren. We plopten een fles champagne open met wat dierbare mensen, proostten met een bodempje, werkten iedereen weer de deur uit en kleedden ons om. De avond brachten we door op het kinderboekenbal in Amsterdam waar ik iedereen met wie ik sprak een foto van het nieuwe huis opdrong.
Uitgever: 'Ik heb je huis al gezien, Octavie.'
Ik: 'Echt? Wanneer dan?'
Uitgever: 'Toen ik laatst bij je was heb je het al aangewezen.'
Ik: 'Oh ja.'
Na een heerlijk feest reden we diep in de nacht weer terug naar huis. We parkeerden de auto op onze nieuwe oprit en stonden even stil om te kijken hoe mooi het ook alweer was. Zelfs in het pikkedonker kon je niet om de schoonheid heen vonden we.
'Octaaaavie, heb je dat plamuurmes nu eindelijk gevonden?'
De oudste heeft haar hand in haar zij gezet en wacht ongeduldig op de overloop. Ik pak het mes en loop naar beneden. De jongste is inmiddels met een grote stucspaan in de weer en strijkt met vaste hand het eerste deel van de slaapkamermuur van haar zus glad. 
Met z'n vieren staan we in de lege, echoënde ruimte die ruikt naar een mengsel van stucpasta, muurvuller en stof. Het voelt ineens zo wezenlijk, een beetje bevreemdend ook. Bij het wegtrekken van het tapijt zijn de holtes in de ondervloer zichtbaar geworden, rond de radiator en aan de onderkanten van de muur waar het pleisterwerk wat beschadigd is. Ik kijk ernaar en zie in de donkere gaten de bakstenen doorschemeren, het grove metselwerk en de steunbalken waarop de muren rusten. De kern van het huis. De constructie die er al meer dan tachtig jaar staat. Alle bewoners voor ons hebben hier in de loop van de jaren muren geschilderd, behangen en geplamuurd, net als wij op dit moment. Maar die constructie rust al sinds 1938 in hetzelfde donker, in dezelfde stilte, terwijl de tijd en de wereld voorbij gleden.


Nog één dag (29-09-2022)

Morgen krijgen we de sleutel.
Dat is me wat.
We fantaseren iedere avond over wat we allemaal gaan doen aan de overkant. Zo noemen we het huis, de overkant. Ik vind dat heel grappig. Het ligt aan de overkant van de straat maar het klinkt ook naar alsof we naar een ander leven verhuizen. En misschien is dat ook ergens wel zo.
Van enige geordende planning voor de verhuizing is totaal geen sprake, van voorbereiding ook niet. Het ziet ernaar uit dat we precies twee maanden hebben om het bewoonbaar te maken en we hebben vaag het vermoeden, er kwamen wat onvoorziene akkefietjes op ons pad, dat dat nogal aan de krappe kant is.
Maar we denken er maar niet te veel over na. 
'Aan de badkamer wil ik toch ook snel wat doen,' zeg ik tegen W.
We lopen bij een bouwmarkt, ik glij met mijn vingers over mooie tegeltjes. 
'Mijn gevoel voor esthetiek kan de vloer die er nu in zit niet heel lang aan.'
Maar W staat al bij de afdeling pleisterkalk en hoort me niet. Hij houdt een grote stucspaan omhoog.
We staan wat anders in het hele klusproces. Ik wil vooral dingen mooi maken, hij wil vooral lekker nieuwe klusdingen uit gaan proberen. 
'Lieverd, het stucwerk moeten we misschien overlaten aan een professional, die hebben daarvoor geleerd,' zeg ik voorzichtig.
W heeft inmiddels zijn kar volgeladen met spackmessen, troffels en gipspleister en kijkt er dolgelukkig naar.
'Wat zei je?' vraagt hij.
'Niks,' zeg ik maar gauw.
Na alle spanning en nervositeit die gepaard ging met de aankoop (WIE KOOPT ER NOU EEN HUIS IN DEZE ACHTERLIJKE TIJDEN?) ben ik inmiddels behoorlijk ontspannen. We waren al heel lang op zoek naar iets anders maar we konden het juiste huis maar nooit vinden. Of misschien waren er best goede huizen maar waren we er zelf nog niet klaar voor. Verhuizen leek lang een stap die heel veel uitsloot. Vage dromen die nooit meer ten uitvoer konden worden gebracht als we ons eenmaal écht zouden gaan settelen. Een definitieve keuze.
Uiteindelijk was het nu het juiste moment.
En lag het passende huis aan de overkant.


Twee hondjes (23-09-2022)

Bij de bushalte zit een groepje rokende scholieren. De middelbare school ligt even verderop, dat is een rookvrije zone en dus klitten ze nu samen in het bushokje aan de grote, drukke weg. Ik loop erlangs als ze me roepen.
'Mevrouw, mevrouw, is dat hondje van u?'
Ik zie nog net hoe het zwarte hondje uitwijkt voor een brommer en gauw het grasveld voor de nieuwbouwwijk oprent. 
Ik schud mijn hoofd, ik heb het beestje nog nooit gezien. Hij is grijs om zijn snuit en zijn vacht heeft de beste tijd gehad. Omdat ik niemand in de buurt zie die zich om het beest bekommert loop ik er maar naartoe. Het is niet eens zo koud vandaag maar toch staat hij te trillen als een rietje, als ik te dichtbij kom schiet hij weg. Omdat hij steeds opnieuw richting dezelfde voordeur gaat besluit ik daar aan te bellen maar er is niemand thuis. Bij de buren aan weerszijden ook niet aan de de buren daar weer van ook niet. De gedachte dat het oude hondje vannacht buiten in de donkere, vochtige kou moet slapen geeft me een knoop in mijn maag.
Uiteindelijk gaat er zes huizen verder dan eindelijk een voordeur open. Gelukkig weet de mevrouw wie de baasjes zijn en ze neemt hem gauw mee naar binnen. Ik kijk haar woonkamer in, het ziet er lekker warm uit. 
Pak van mijn hart.
Opgelucht wandel ik door, de hoek om, richting het dorp. De man die me tegenmoet komt ken ik vaag, hij woont ergens in de buurt maar ik weet niet precies waar, zijn hond is van hetzelfde ras als de onze. Ik snap niet zo goed hoe het werkt maar als ik een hondengezicht zie dat op dat van Wiesje lijkt ben ik meteen vertederd. Ik ga op mijn knieën als de man me wil passeren en aai het beest.
'Jullie hebben dat huis op de heuvel gekocht hè,' zegt de man.
Ik knik, ik ben er inmiddels wel aan gewend dat de halve stad weet dat we dit huis hebben gekocht, ook al hebben wij in de meeste gevallen geen idee wie het zijn. Het is een opvallend huis in een van de oudste straten van de wijk, iedereen in de omgeving kent het wel.
Ik kriebel de hond tussen zijn oren, hij is er bij gaan liggen. We hebben duidelijk een band.
'Dat wordt wel een uitdaging qua energieverbruik,' zegt de man.
Dat is zo ongeveer de meest gemaakte opmerking in converstaties over de verhuizing. Ik weet nooit wat ik erop moet antwoorden. We zijn geen onnozele mensen, op zich weten we tamelijk goed wat er aan de hand is in de wereld. De huidige gasprijzen zijn ons niet ontgaan.
'Ach ja,' antwoord ik maar.
Er volgt een uiteenzetting over warmtepompen, zonnepanelen, airco's en zuinigheid. Ik knik glazig en trek een gek gezicht naar de hond. Hij kijkt begrijpend terug.
'Dus wij verbruiken nu nog maar de helft van het aantal kuubs gas tegenover een paar jaar geleden,' besluit de man zijn verhaal. 
Hij kijkt er trots bij.
'Nou,' zeg ik.
Als ik afscheid neem werpt de hond me nog een laatste blik toe. Verbeeld ik het me nu of zie ik iets van HELP ME in zijn oogopslag? Pas honderd meter verder realiseer ik me dat het beest het natuurlijk altijd koud heeft, in dat schraperige huishouden. Iedere nacht rillend op de betonnen vloer, de pootjes onder zich gevouwen. Ik moet me inhouden om niet terug te rennen en hem te bevrijden.


Pagina 1 van 49


Schrijver, beeldend kunstenaar. Lino- en houtsnede, illustratie.

VOORLAND (Ambo|Anthos, 2016)
SLOT (Gloude, 2020)
HET LIED VAN DE SPREEUW (Ploegsma, 2021)

Published author and linocut printmaker from The Netherlands.

//Vragen? Je kunt me mailen op octaviewolters@gmail.com//

DE WEBSHOP IS OPEN
MEER INFO VIA octaviewolters.nl/webshop

www.twitter.com/octaview
www.facebook.com/octaviewolters

© Alle content, in woord, beeld en concept is van Octavie Wolters.
Algemene voorwaarden     Verzenden en levering