/Verhalen/
/Webshop/
/Dossier Voorland/
/Vlogs/
/Faq/
/Contact/
/Account/
/Winkelmandje/

Bergen (25-11-2021)

'Misschien moet ik stoppen met het lino's maken,' zei ik vorige week tegen W.
Hij moest erom lachen. 
'Nee, deze keer méén ik het!' riep ik.
Maar ik wist natuurlijk ook wel dat ik uiteindelijk toch gewoon weer mijn doos met gutsjes zou pakken en met een nieuw werk zou beginnen.
Ik had in de afgelopen weken ontelbaar schetsen opgezet maar er geen enkele uitgewerkt, of maar half, ze lagen me in een groeiende stapel aan te gapen vanonder de pers, ik had er geen zin meer in. Nu ik erover nadacht: die pers kon ik trouwens ook maar beter verkopen, tijd voor iets anders, misschien iets met klei ofzo.
Maar zoals het altijd gaat, op het moment dat ik besluit dat ik er klaar mee ben dient zich toch weer iets aan, een nieuwe invalshoek, een nieuwe techniek. De techniek die ik bij dit berglandschap gebruikt heb kende ik al wel en ik had hem ook wel eens toegepast maar nooit tot tevredenheid. Dit keer onstond het gewoon, niet vanuit het idee van de methode maar vanuit de drang om iets met deze kleuren te maken. Dat is altijd hoe het gaat: de inspiratie komt aanvliegen in kleuren en vormen, de drang om een bepaald beeld op te bouwen. De manier waarop voegt zich daarnaar. 
Het is nooit dat ik wil stoppen met linosnede, of welke andere techniek, het is meer dat mijn brein zoekt naar iets onbekends, speuren naar nieuwe lijnen, andere composities, en dat ik graag elke keer aan iets begin waar ik nog onervaren in ben. In de onervarenheid ligt de spanning, het heerlijke, aarzelende uitvinden. Linosnede biedt me nog ontzettend veel mogelijkheden om dat nieuws in vorm te geven. Ik ben nog lang niet uitgeleerd.

De afdruk is te koop in een gelimiteerde, gesigneerde en genummerde oplage via mijn webshop


Thuis (23-11-2021)

Ik ben heel trots en blij dat ik gevraagd ben het beeld te maken voor dit boekomslag. Het Netherlands Institute for Advanced Study NIAS - KNAW bestaat vijftig jaar en ter gelegenheid daarvan is deze bundel samengesteld met als thema verbondenheid.
Met bijdragen van Tommy Wieringa, Marcel Möring, Aleid Truijens, Christiaan Weijts en veel anderen. Ik werkte samen met Uitgeverij HetMoet en Armée de verre bookdesign, het boek is mede mogelijk gemaakt door het Nederlands Letterenfonds. Op 8 december wordt het gepresenteerd in SPUI 25 in Amsterdam.
Voor wie geïnteresseerd is in de technische details: ik combineerde linosnede met illustratie en het omslag wordt letterpress gedrukt waardoor de afbeelding in reliëf in het papier gedrukt wordt.


Herten (21-11-2021)

Het land ruikt naar het loof van mosterd en rammenas, hier en daar al licht verrot omdat de eerste vorst eroverheen is gegaan. Ondanks dat ziet het er nog weelderig uit, zelden iets groeners gezien dan knollenvelden in november.
Op ons vaste rondje zijn er een paar dieren bijgekomen, een roedel van een stuk of zes damherten. Die zijn ontsnapt uit het weitje van de oude mensen even verderop. Wie al langer met me meeleest weet misschien nog dat W en ik er vorig jaar aan de deur stonden, de oude vrouw schuifelde naar het hek en W brulde dat we haar capibara hadden gevonden. We behoedden het beestje (geen capibara) voor verder ongeluk en stopten het terug in zijn veilige stal.
De herten zijn een ander verhaal, al meer dan een week zien we ze telkens op andere plekken opduiken, elke dag ontginnen ze netjes een nieuwe akker. 
Ik heb vorige week al eens aangebeld  ('Ich zal ze waal mit get mik hierop perbere te kriege,' zei de bejaarde boerin, maar dat leek me in haar conditie nogal onwaarschijnlijk) en er zijn al hulptroepen ingeschakeld. Die hulptroepen bestaan uit een oude man, iets minder bejaard dan de boerin zelf, maar toch, het houdt niet over, die elke dag tegen de schemer in zijn auto gaat zitten wachten in de buurt van waar de herten die dag gesignaleerd zijn. Waarop hij precies wacht weten we ook niet, de herten zullen er denk ik niet sneller van terug naar hun wei wandelen. 
Ook vandaag zat de oude man weer in zijn auto, precies op dezelfde plek als waar we hem gisteren ook al hadden zien staan. Het enige verschil was dat hij nu met zijn wang tegen het raam aangeleund lag, ogen dicht, mond open.
'Oh nee, hij is vast gestorven!' riep ik.
Gevoel voor dramatiek is mij nu eenmaal niet vreemd.
'Gottegot,' zei W, en hij aarzelde of hij moest remmen of doorrijden.
'We gaan eerst wandelen en als hij er straks nog precies zo bij ligt dan kijken we wel verder,' spraken we af.
Ik stelde me de volledige route voor hoe ik het portier straks zou openen en hoe het lijk vervolgens traag uit de auto zou rollen.
Toen we terugreden was de auto goddank verdwenen.
Wat niet verdwenen was waren de herten. De voltallige kudde stak precies voor ons de weg over, de voor- en de achterpoten parallel aan elkaar hupten ze opgetogen met hun witte kontjes door ons koplamplicht.
Alweer zo'n dag lekker gegeten.
Wat een leven.


tas (17-11-2021)

'Dat heb je me nog nooit verteld!' riep W.
We zaten aan tafel, een paar weken geleden, buiten was het al donker, de kinderen moesten een beetje lachen omdat ze het niet helemaal geloofden.
'Ja nou ja, ik dacht dat iedereen dat wel overkwam,' antwoordde ik, ik schoof een beetje ongemakkelijk over mijn stoel.
'Nee mam,' zei mijn oudste dochter, 5 VWO inmiddels, 'dat is niet normaal, ik heb zoiets nog nooit meegemaakt en ik ken ook niemand die het heeft meegemaakt.'
W schudde zijn hoofd. 'Nee, ik ook niet.'
Ik had ze verteld dat ik er altijd een hekel aan had om naar school te fietsen, die lange weg tussen de weilanden vanuit het dorp naar de stad. De sliert van scholieren waartussen ik me nooit op mijn gemak voelde, en dan: de keren dat mijn schooltas van mijn bagagedrager werd getrapt, niet eenmalig maar gemiddeld een paar keer per week. En hoe dat dan voelde, mijn fiets naar de berm slepen, de tas schurend over het asfalt, en dan de hele boel moeizaam weer onder de snelbinders proppen terwijl de sliert voorbij trok, met een boogje om me heen, lachend, wijzend.
'Ik was zo'n nerd als in The big bang theory,' had ik een poging gedaan om het allemaal wat lichter te maken.
Het tas van de fiets trappen was niet het enige, ik herinner me nog de treiterijen, zo vakkundig onder de oppervlakte dat ik vaak aan mezelf twijfelde of ik het wel juist geïnterpreteerd had. Ik wist ineens eigenlijk ook niet waarom ik dit nooit verteld had, misschien schaamde ik me. Alsof het aan mij lag, ik was zo'n suf kind, zo'n sneu figuur.
'Het is niet erg hoor,' zei de oudste, 'we houden toch wel van je, ook al ben je een nerd.'
Ze gaf me een bemoedigend klopje op mijn rug. W grinnikte, de kleine was ondertussen begonnen om haar courgette uit de pastasaus te fileren, dat moest tenslotte ook gebeuren.
Ik moest aan het gesprekje terugdenken toen ik vanochtend met mijn nieuwe inkt in de weer was. Ik had een stapel katoenen tasjes besteld en drukte er een van mijn spreeuwen op.
Geen schooltas maar een Het lied van de spreeuw-tas.
Zo.
Hopla.


Pagina 3 van 41


Schrijver, beeldend kunstenaar. Lino- en houtsnede, illustratie.

VOORLAND (Ambo|Anthos, 2016)
SLOT (Gloude, 2020)
HET LIED VAN DE SPREEUW (Ploegsma, 2021)
Verwacht: DIT IS GEEN TEKENCURSUS (Gloude, 2022)

Published author and linocut printmaker from The Netherlands.

//Vragen? Je kunt me mailen op octaviewolters@gmail.com//

DE WEBSHOP IS GESLOTEN
MEER INFO VIA octaviewolters.nl/webshop

www.twitter.com/octaview
www.facebook.com/octaviewolters

© Alle content, in woord, beeld en concept is van Octavie Wolters.
Algemene voorwaarden     Verzenden en levering