/Verhalen/
/Webshop/
/Dossier Voorland/
/Vlogs/
/Faq/
/Contact/
/Account/
/Winkelmandje/

Nevenschade (04-05-2021)

Mijn tweede (niet voltooide roman) ging over emoties die op welke manier dan ook niet geoorloofd zijn. Hoewel ik niet wilde schrijven over mijn familie, vormde een gebeurtenis in het leven van mijn oma de basis voor mijn persoonlijke onderzoek naar dit thema. In de oorlog woonde ze samen met haar ouders, zus en broer in een kleine boerderij op de heide, pal aan de Duitse grens. Het afweergeschut van de vijand stond in hun tuin, het gezin bracht meer tijd in de schuilkelder door dan erbuiten. Rond kerst 1944 was er een bestand, de Duitsers hielden zich aan de afspraak en bleven stil, het was een paar dagen veilig op de afgelegen hei. Maar op tweede kerstdag werd de familie opgeschrikt door een granaatinslag op het veld voor de boerderij. Mijn oma rende naar buiten, en zag haar broer liggen, ze raapte hem op maar het was al te laat. De granaat had hem in zijn hals geraakt, hij bloedde dood op haar schoot.
De granaat kwam niet van de vijand, de granaat was afkomstig van de andere kant van de Maas, waar de geallieerden hem hadden afgevuurd, ondanks het staakt-het-vuren. Hij was precies op de plek terechtgekomen waar Thieu liep.
Mijn oma kon niet boos worden op de geallieerden, de strijders voor de goede zaak, ze nam de nevenschade die in het kielzog van de bevrijding meekwam op haar schouders. Het eigen vuur heeft de rest van haar leven in haar gewoed, ze droeg de oorlog tot aan haar dood mee als een giftige strijd in zichzelf.
Het is 4 mei vandaag. De oorlog heeft zich via mijn grootmoeder een weg gevreten in het leven van mijn familie, van mij. Iedereen die denkt dat het lang geleden is heeft het mis, de oorlog is er bij heel veel mensen nog iedere dag. Misschien niet herkenbaar, maar vermomd in een schijnbare alledaagsheid, niet meer te herkennen als iets dat er misschien nooit was geweest als er geen oorlog was geweest. Ik zou de toekomst, mijn kinderen, hun kinderen, en die ver daarna, willen behoeden voor oorlog, in welke vorm dan ook.


Icarus (08-04-2021)

Voor een potentieel nieuw project googelde ik op plaatjes van Icarus, in het bijzonder zijn val en hoe dat er ook alweer precies uitzag, die spartelende beentjes in het water. Ik vond niet meteen wat ik zocht maar google hielp me een handje: in de gerelateerde zoekopdrachten stond 'Bent u misschien op zoek naar een knappe kale man met baard?'. Ik weet niet waarom dit op mijn pad kwam, ik geloof niet dat Icarus een knappe kale man was, en ikzelf ben in het geheel niet geïnteresseerd in kale mannen, met of zonder baard.
Hoe dan ook. Het was een wat moeizame week. Voor mijn nieuw te openen webwinkel met linosneden moest ik verpakkingsmateriaal bestellen. 'Doe maar lekker veel,' zei mijn echtgenoot W (niet kaal, noch een baard), 'anders zijn de vrachtkosten hoger dan de bestelling zelf.' Dat leek me een waar woord maar toen de bezorger kwam voorrijden in een grote truck en krabbend op zijn hoofd vroeg waar hij de pallet kwijt kon, raakte ik toch wat nerveus. Het einde van het liedje was dat de pakketten wat groter waren dan we dachten en dat het er zoveel waren dat we ze door het hele huis moesten verspreiden (onder de bedden van de kinderen, in de garderobe bij de jassen, op de vliering) en dat we daarna naar mijn ouders moesten rijden om de andere helft daar in de garage te zetten. Ik was net een beetje tot rust gekomen van de consternatie toen er een dag later opnieuw een vrachtwagen kwam voorrijden. Dit keer waren het de lijsten, ik was even vergeten dat die ook nog besteld had. Ook een pallet vol.
'Je moet hier de humor van inzien, Octavie,' zei W, terwijl hij torens van lijsten bouwde op onze slaapkamer.
'Oja,' antwoordde ik.
Er was nog net een paadje vrij waarlangs ik me naar het bed kon wurmen en ik deed heel hard mijn best om niet aan Icarus te denken. Tot in het einde der tijden zullen de dozen me achtervolgen, als ik bejaard ben en naar het bejaardenhuis moet (en W vermoedelijk eindelijk kaal is) zullen we in alle krochten van het huis nog dozen vinden en onze hoofden schudden over zoveel hoogmoed.


Radboud Magazine (08-04-2021)

Uit: Radboud Magazine
Tekst: Bea Ros
Foto: Duncan De Fey

Terwijl de wereld op slot ging, zag Octavie Wolters, oud-student Nederlands (1997-2001) juist weer openingen in haar leven. Ze hervond haar schrijverschap dat door een depressie in de knel was geraakt.

Wat gebeurde er tijdens je depressie?
"Mijn hoofd zit altijd vol verhalen en beelden die ik uitwerk in tekeningen of in taal. Door de depressie lukte dat niet meer, ik kon alleen maar op de bank liggen. Op het allerdiepst van mijn depressie, toen ik ook fysiek ziek was, met hoge koorts, heb ik mijn eerste tekening weer gemaakt: het uitzicht op mijn eigen voeten, niet stevig op de grond maar zwevend boven die bank. Daarna volgden meer tekeningen, met veel zwart en veel naakt. Tot ik na een jaar, begin 2020, ineens de behoefte kreeg weer iets moois te maken, linosneden van vogels met uitgespreide vleugels. De beelden kwamen weer terug in mijn hoofd en door de lockdown kwam ook het schrijven weer op gang.”

Hoe hielp die lockdown dan mee?
“Al voor mijn depressie was ik vastgelopen in het schrijven. Mijn debuutroman, Voorland, was goed ontvangen en ik kreeg meteen een contract voor een volgend boek. Dat schept verwachtingen: het mag niet minder worden. Achteraf bezien schreef ik te veel vanuit een zelfopgelegde norm van hoe literatuur behoort te zijn. Door de lockdown maakte het allemaal niet meer uit: de hele wereld is veranderd, ik kan doen en laten wat ik wil. Ik ben heel voorzichtig weer gaan proberen hoe het voelde om te schrijven. Puur voor mezelf, als documentatie van het moment en met alleen mezelf als beoordelaar: ik bepaal nu wat ik wil schrijven en of het goed is of niet. De lockdown hielp me om te bezinnen op wat voor schrijver ik wilde zijn.”

De lockdown heeft dus een andere draai aan je schrijverschap gegeven?
“Ja, het bleek een heel effectieve periode om te focussen en dichter bij mezelf te komen. Ik heb besloten dat die tweede roman er nu niet komt. Ik laat dat manuscript voorlopig liggen. Dit najaar verschijnt wel een prentenboek met mijn linosneden. En ik ben bezig met een nieuw boek, dat weet nog niemand. Een non-fictie boek over creativiteit en het creatieve proces. Of eigenlijk gaat het over het leven. Creativiteit is zo basaal menselijk, zo wezenlijk. Het is het spelen, het vrije, het mogen doen wat je zelf wil, het oer-menselijke. Ik hoop daarmee mensen te inspireren. Schrijven is nu voor mij het universele zoeken van wat je als mens bent. Niet wat literatuur zou moeten zijn, maar wat ik kan en wil en wat me raakt.”


De boeken van januari en februari (30-03-2021)

Ik schrijf niet zo vaak over wat ik lees. Eerst was dat omdat ik me schaamde dat ik het lezen tijdens mijn schrijven niet meer goed verdroeg, nu is het vooral omdat ik het eigenlijk een beetje intiem vind, mijn leesvoorkeuren delen. Dit is mijn stapeltje gelezen boeken van dit jaar. ‘Ik ben er niet’ en ‘Oogst’ vond ik erg goed, door ‘Een klein leven’ worstel ik me al weken heen, dit is niet mijn soort boek. Bij ‘De meeste mensen deugen’ voelde ik me continu Vicky Pollard uit Little Britain (but yeah but no but yeah) en aan ‘Het ijspaleis’ moest ik eerst erg wennen door het simplistische taalgebruik maar vond ik later fantastisch. Shuggie Bain heb ik nog niet helemaal uit en ik vind het vertaalde accent een beetje storend, bovendien is het me iets te zeer gericht op het erg nauwsluitende verhaal. ‘De eenzaamheid in het leven van Lydia Erneman’ vind ik geweldig en kan ik iedereen aanraden, het is een boek dat heel veel ruimte biedt, het is open en weids, en daarmee verfrissend. Maar het boek dat me recht in mijn ziel raakte, dat vanaf nu mijn allermooiste boek ooit is, is ‘Het lichtje in de verte’ van Antonio Moresco. Het gaat over een oude man die zijn intrek neemt in een verlaten gehucht en iedere avond op de bergkam aan de overkant van het ravijn een lichtje ziet aangaan. Het is anders, het is nieuw, het is eenvoudig en tegelijkertijd ontzettend bijzonder. Ga het lezen.


Het lied van de spreeuw (30-03-2021)

Ik ben trots en blij dat ik kan laten zien waaraan ik de afgelopen maanden werkte. In september verschijnt het prentenboek Het lied van de spreeuw, bij de fijne Uitgeverij Ploegsma.
Uit de aanbiedingsbrochure:
De spreeuw in dit prentenboek wil een lofzang houden op wat hij allemaal ziet tijdens zijn vluchten over het land. Om zeker te zijn dat hij niets vergeet, vraagt hij alle vogels die hij kent om raad: wat moet ik in elk geval niet vergeten te vertellen?
De prachtige lino's van schrijver en beeldend kunstenaar Octavie Wolters laten een wereld zien waarin je even stil mag zijn. Om dan goed om je heen te kijken.


Pagina 2 van 34


Schrijver, beeldend kunstenaar. Lino- en houtsnede, illustratie.

VOORLAND (Ambo|Anthos, 2016)
SLOT (Gloude, 2020)
Verwacht: HET LIED VAN DE SPREEUW (Ploegsma, 2021)
Verwacht: DIT IS GEEN TEKENCURSUS (Gloude, 2021)

Published author and linocut printmaker from The Netherlands.

//Vragen? Je kunt me mailen op octaviewolters@gmail.com//

DE WEBSHOP IS OPEN
Je kunt mijn werk bestellen via octaviewolters.nl/webshop
Veel plezier!

www.twitter.com/octaview
www.facebook.com/octaviewolters

© Alle content, in woord, beeld en concept is van Octavie Wolters.
Algemene voorwaarden     Verzenden en levering